This site uses cookies to provide you with a more responsive and personalised service. By using this site you agree to our use of cookies. Please read our cookie notice for more information on the cookies we use and how to delete or block them

Bookmark E-mailadres Print deze pagina

KMO - De win-winlening: voorbeelden uit de praktijk!

Auteur: Sam Herreman, Tax & Legal Services

In deze tijden is het niet evident om als ondernemer een bepaald (start)kapitaal bijeen te krijgen, en al zeker niet als starter. Een goed businessplan en overtuigingskracht zijn lang niet meer voldoende. Dit is ook de overheid niet ontgaan. Wanneer familie of vrienden mee geld ter beschikking stellen bij het opstarten van een zaak heeft de Vlaamse overheid voorzien in een fiscale tegemoetkoming onder de naam van “belastingvermindering voor de winwin-lening”.

Principe

De winwin-lening bestaat al sinds september 2006, maar is nooit echt bekend geraakt bij het grote publiek. Onterecht misschien, want zij kan over enkele jaren heen een effectieve belastingbesparing opleveren van 10.000 EUR.

Het opzet van de winwin-lening is particulieren aanmoedigen om geldmiddelen ter beschikking te stellen van startende ondernemingen. Als u een kind, ander familielid of kennis hebt die een eigen zaak wenst op te starten (zelfstandig of via vennootschap) kan het verstrekken van een geldlening u een fiscaal voordeel opleveren, onder de vorm van een jaarlijkse belastingkorting van 2,5% op het uitgeleende bedrag.

Voorwaarden

Uiteraard werden enkele voorwaarden gekoppeld aan de winwin-lening. Zo bedraagt het maximale bedrag dat u als kredietgever kan toestaan 50.000 EUR. Dat is eveneens ook het maximumbedrag dat u als kredietnemer mag ontvangen in het kader van de winwin-lening. Bovendien betreft het een achtergestelde lening met een vaste looptijd van 8 jaar. Na 8 jaar dient de volledige lening in één keer te worden terugbetaald. Ook de rentevoet werd wettelijk vastgelegd en moet tussen de 2,75% en 5,5% liggen.

Daarnaast worden ook voorwaarden gesteld aan de kredietgever en kredietnemer, waarvan de voornaamste zijn:

 Kredietnemer

Op datum afsluiting van de winwin-lening moet de kredietnemer een startende KMO’er zijn in Vlaanderen. Onder KMO wordt hier verstaan, een onderneming (zelfstandig of via vennootschap):

  • met minder dan 250 werknemers;
  • waarvan de jaaromzet niet hoger is dan 50 miljoen euro, ofwel het balanstotaal niet hoger is dan 43 miljoen euro (op geconsolideerde basis te bekijken)

Onder ‘startend’ verstaat men bedrijven die minder dan 3 jaar zijn ingeschreven bij de KBO.

 Kredietgever

Op datum afsluiting van de winwin-lening moet de kredietgever aan volgende voorwaarden voldoen:

  • de kredietgever is een natuurlijk persoon, wonende in het Vlaamse gewest, die een lening verstrekt buiten het kader van zijn beroeps- of handelsactiviteit;
  • de kredietgever is geen werknemer van de kredietnemer;
  • de kredietgever is niet de echtgenoot of wettelijk samenwonende partner van de kredietnemer;
  • de kredietgever is geen zaakvoerder, bestuurder of aandeelhouder van de vennootschap die het krediet ontvangt, noch de echtgen(o)t(e) ervan.

Terugbetalingsproblemen

Indien de starter failliet gaat binnen 8 jaar en 6 maand na het afsluiten van de lening, of als hij zich in een staat van kennelijk onvermogen bevindt, of als hij in vereffening gaat, en de uitgeleende som kan niet terugbetaalde worden, geldt een eenmalige belastingvermindering van 30% op het uitgeleende bedrag (maximaal op 50.000 EUR).

Interessant?

Dat een winwin-lening interessant is, zowel bij de opstart van een eenmanszaak als bij de oprichting van een vennootschap, kan aangetoond worden aan de hand van enkele eenvoudige voorbeelden.

Voorbeeld 1: Stel, Pieter is afgestudeerd aan de hotelschool, en na enkele jaren gewerkt te hebben in diverse restaurants, besluit hij om een restaurant over te nemen. De overnameprijs bedraagt 90.000 EUR. Pieter kan daarvan 40.000 EUR zelf financieren, voor de overige 50.000 EUR is de vader van Pieter bereid een lening te geven op 8 jaar tegen een jaarlijkse rentevoet van 5%. Het ontleende kapitaal is na 8 jaar in één keer terug te betalen.

Optie 1: afsluiten gewone lening

Pieter betaalt jaarlijks 2.500 EUR intresten aan zijn vader. Deze betaalde intresten vormen een aftrekbare beroepskost voor Pieter, waardoor hij een belastingbesparing realiseert.

De vader van Pieter ontvangt jaarlijks 2.500 EUR bruto aan intresten. Op de bruto-intrest moet 15% roerende voorheffing ingehouden worden, waardoor hij jaarlijks netto 2.125 EUR (2.500 x 85%) ontvangt. Na 8 jaar zal de vader van Pieter 17.000 EUR aan netto-intresten ontvangen hebben. Daarnaast zal ook het initiële bedrag van de lening, zijnde 50.000 EUR terugbetaald zijn. Indien de zaak van Pieter op de fles zou gaan en de geleende som kan niet terugbetaald worden, dan valt er voor de vader van Pieter niets te recupereren.

Optie 2: afsluiten winwin-lening

Voor Pieter verandert er niets. Hij blijft jaarlijks 2.500 EUR intresten betalen aan zijn vader, die hij kan aftrekken als beroepskosten.

De vader van Pieter blijft zijn intresten behouden (17.000 EUR netto intresten over 8 jaar). Daarnaast heeft hij gedurende 8 jaar recht op een belastingvermindering ten belope van 2,5% op 50.000 EUR, zijnde 1.250 EUR per jaar. Na 8 jaar bedraagt de gecumuleerde belastingvermindering 10.000 EUR. Indien de zaak van Pieter failliet zou in de eerste 8 jaar en 6 maanden en de geleende som kan niet terugbetaald worden, dan kan nog eens 30% van het uitgeleende bedrag gerecupereerd worden via de aangifte (50.000 EUR x 30% = 15.000 EUR).

Voorbeeld 2: Net als in het eerste voorbeeld wenst Pieter een restaurant over te nemen. In tegenstelling tot in voorbeeld 1 wenst hij dit nu te doen via vennootschap.

Optie 1: afsluiten gewone lening

Pieter en zijn vader hebben het slim bekeken, en met het oog op het maximaliseren van de aftrek voor risicokapitaal (NIA) in de vennootschap, wordt besloten om de 50.000 EUR te lenen aan Pieter die het als kapitaal inbrengt in zijn vennootschap.

De vennootschap van Pieter creëert hiermee een NIA van 2.150 EUR (50.000 x 4,30%), waarmee een belastingbesparing van 730,785 EUR (33,99%) per jaar gerealiseerd wordt. Na 8 jaar bedraagt de belastingbesparing 5.846,28 EUR voor de vennootschap. Laat ons er vanuit gaan de Pieter na 8 jaar een belastingvrije kapitaalvermindering van 50.000 EUR doorvoert in zijn vennootschap, teneinde het geleende kapitaal aan zijn vader te kunnen terugbetalen.

Noteer echter dat Pieter jaarlijks 2.500 EUR - na belastingen - uit de vennootschap zal moeten halen om de intresten aan zijn vader te kunnen betalen. Dit geld zal uiteindelijk uit de vennootschap moeten komen, bv. onder de vorm van een hogere wedde voor Pieter, of nog via een dividend, waarop belastingen en 15% roerende voorheffing zullen verschuldigd worden.

De vader van Pieter ontvangt jaarlijks 2.500 EUR bruto aan intresten. Op de bruto-intrest moet 15% roerende voorheffing ingehouden worden, waardoor hij jaarlijks netto 2.125 EUR (2.500 x 85%) ontvangt. Na 8 jaar zal de vader van Pieter 17.000 EUR intresten ontvangen hebben. Daarnaast zal ook het initiële bedrag van de lening, zijnde 50.000 EUR terugbetaald zijn. Indien de zaak van Pieter op de fles zou gaan en de geleende som kan niet terugbetaald worden, dan valt er voor de vader van Pieter niets te recupereren.

Optie 2: afsluiten winwin-lening

Bij deze optie geeft de vader van Pieter een lening aan de vennootschap. De vennootschap betaalt jaarlijks 2.500 EUR intresten aan de vader van Pieter. Deze intresten vormen een aftrekbare kost voor de vennootschap. Er is geen verhoogde NIA voor de vennootschap gezien.

De vader van Pieter blijft zijn intresten behouden (17.000 EUR netto intresten over 8 jaar). Daarnaast heeft hij gedurende 8 jaar recht op een belastingvermindering ten belope van 2,5% op 50.000 EUR, zijnde 1.250 EUR per jaar. Na 8 jaar bedraagt de gecumuleerde belastingvermindering 10.000 EUR. Indien de vennootschap van Pieter failliet zou gaan en de geleende som kan niet terugbetaald worden, dan nog nog 30% van het uitgeleende bedrag gerecupereerd worden via de aangifte (50.000 EUR x 30% = 15.000 EUR).

Conclusie: de fiscale voordelen van een winwin-lening zijn niet te versmaden. Zeker in deze tijden zullen startende ondernemingen met grote ambities een financiële sponsor uit eigen kring zeker verwelkomen!

Material on this website is © 2014 Deloitte Global Services Limited, or a member firm of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, or one of their affiliates. See Legal for copyright and other legal information.

Deloitte refers to one or more of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, a UK private company limited by guarantee, and its network of member firms, each of which is a legally separate and independent entity. Please see www.deloitte.com/about for a detailed description of the legal structure of Deloitte Touche Tohmatsu Limited and its member firms.

Get connected

 

More on Deloitte
Learn about our site