KMO - Ontbinding en vereffening in één akte |
Signalering van aandachtspunten: wat met de goedkeuring van de jaarrekening en de te verlenen kwijting?
Indien de ontbinding gepaard gaat met de onmiddellijke afsluiting van de vereffening in dezelfde akte zal daarna geen algemene vergadering meer kunnen plaatsvinden. Hoe zit het dan met de verplichting tot goedkeuring van de jaarrekening en de afstemming aangaande de kwijting van bestuurders/zaakvoerders voor de periode tussen de afsluiting van het vorige boekjaar en de datum van de ontbinding met onmiddellijke afsluiting van de vereffening?
Achtergrondinformatie
Ingevolge de Wet van 19 maart 2012 tot wijziging van het Wetboek van vennootschappen wat de vereffeningsprocedure betreft (BS 7 mei 2012), kan onder bepaalde voorwaarden worden overgegaan tot vereffening en ontbinding in één akte. Overeenkomstig artikel 184 §5 van het Wetboek van vennootschappen kan van deze mogelijkheid gebruik worden gemaakt indien er (1) geen vereffenaar wordt aangesteld, er (2) geen schulden meer zijn volgens de staat op basis waarvan tot ontbinding besloten wordt, (3) alle aandeelhouders/vennoten op de algemene vergadering aanwezig of vertegenwoordigd zijn en unaniem instemmen met deze werkwijze en (4) de vennoten het actief terugnemen.
Verplichting om jaarlijks een jaarrekening voor te leggen
Op de bestuurders/zaakvoerders rust de verplichting om jaarlijks de jaarrekening voor te leggen. De staat van actief en passief die in het kader van de ontbinding dient te worden voorgelegd lijkt niet als een equivalent te kunnen worden beschouwd. Zo kan, overeenkomstig overvloedige rechtsleer, louter op basis van deze staat bijvoorbeeld niet de kwijting aan de bestuurders/zaakvoerders worden verleend. De vraagt dringt zich dan ook op of in dit kader een (afsluitende) jaarrekening dient te worden voorgelegd en goedgekeurd in dezelfde algemene vergadering en bijgevolg in dezelfde akte, vóór de afsluiting van de vereffening op basis waarvan tevens over het al dan niet verlenen van de kwijting kan worden besloten.
Het Wetboek van vennootschappen voorziet geen uitdrukkelijke verplichting tot het opmaken van een jaarrekening voor de periode tussen de afsluiting van het vorige boekjaar en de datum van de ontbinding met onmiddellijke afsluiting van de vereffening in de specifieke hypothese van ontbinding en vereffening in één akte. Op basis van louter fiscale redenen dient echter wel een dergelijke vereffeningsstaat opgemaakt te worden.
Opinie consultatiecentrum notariaat
In haar “Vraag van de week 40”, verschenen op het e-notariaat op 4 oktober 2012, nr. 8832, heeft het consultatiecentrum geoordeeld dat, gezien het lopende boekjaar bij de procedure in één akte met onmiddellijke ingang wordt afgesloten, hierdoor de verplichting ontstaat de jaarrekening in deze laatste algemene vergadering voor te leggen en goed te keuren. Op basis van deze zogenoemde “vervroegde laatste jaarrekening” kan vervolgens ook worden overgegaan tot het verlenen van de kwijting.
Het consultatiecentrum herinnert er in dit kader aan dat de ontbinding en vereffening in één akte enkel eenvoudige afsluitingen viseert waar eigenlijk niets meer te vereffenen valt en alles al geregeld is voor het ontbindingsbesluit wordt genomen. Het zou dan ook mogelijk moeten zijn een laatste jaarrekening voor de periode tot op de dag van ontbinding voor te bereiden.
Ten slotte oordeelt het consultatiecentrum dat deze vervroegde jaarrekening ook moet worden neergelegd omdat de betreffende jaarrekening betrekking heeft op het volledige (verkorte) boekjaar en bijgevolg verplicht moet worden opgemaakt en bekendgemaakt overeenkomstig de artikel 92 e.v. van het Wetboek van vennootschappen.
Besluit
Ondanks het feit dat door de wetgever ter zake geen uitdrukkelijke verplichting werd voorzien, oordeelt het consultatiecentrum dat een jaarrekening moet worden voorgelegd en goedgekeurd in de laatste algemene vergadering, zijnde de algemene vergadering die tot de ontbinding en sluiting van de vereffening in één akte beslist.
De door de Wet van 19 maart 2012 gecreëerde mogelijkheid beoogt de ontbinding en vereffening een stuk eenvoudiger te maken. Is het niet juist de bedoeling om, met de beslissing tot ontbinding en vereffening in één akte, aan de verplichting tot opstelling van een nieuwe jaarrekening te ontkomen? Op basis van welke cijfers er alsdan over de kwijting moet worden besloten blijft vooralsnog onbeantwoord. Interessant zal zijn hoe de notarissen dit in hun praktijk gaan toepassen. Voorafgaandelijke afstemming met de notaris is in alle geval aangewezen.
Wordt vervolgd…
Laatst bijgewerkt: