This site uses cookies to provide you with a more responsive and personalised service. By using this site you agree to our use of cookies. Please read our cookie notice for more information on the cookies we use and how to delete or block them

Bookmark E-mailadres Print deze pagina

KMO - Schuldeisers langer beschermd?

Auteur: Andres Calle, Tax & Legal Services

Ingebrekestelling kan voortaan de verjaring van uw schuldvordering stuiten

Omdat het handelsverkeer nood heeft aan stabiliteit en rechtszekerheid, heeft de wetgever het systeem van de “bevrijdende verjaring” ingevoerd, waardoor een schuldenaar na verloop van een zekere tijd bevrijd is van zijn betalingsverplichting.

Hoewel de wet tal van afwijkende termijnen voorziet, geldt voor schuldvorderingen van contractuele aard doorgaans een verjaringstermijn van 10 jaar. Volgens huidig artikel 2244 van het Burgerlijk wetboek wordt de verjaring van een schuldvordering echter gestuit (lees: er ontstaat een nieuwe verjaringstermijn) door een dagvaarding, een bevel tot betaling of een beslag.

Gevolg van deze bepaling is dat er een praktijk ontstaan is om rechtsvorderingen in te stellen, niet met het oog op het verkrijgen van een vonnis, maar louter om aan een nakende verjaring te ontsnappen. Hierdoor werd een zaak vaak ingeleid vooraleer er een minnelijke oplossing kon worden bereikt. Het is duidelijk dat deze praktijk aanleiding gaf tot overbelasting van de rechtbanken en extra kosten.

Om deze problematiek aan te pakken, wijzigde de wetgever met ingang van 11 juli 2013 dit artikel dan ook in de zin dat voortaan ook ingebrekestellingen verstuurd door advocaten of gerechtsdeurwaarders een nieuwe verjaringstermijn kunnen doen ingaan. Daarnaast geldt de nieuwe regeling ook voor de ingebrekestellingen verstuurd door personen die in rechte mogen verschijnen namens de schuldeiser (bijvoorbeeld vakbondsafgevaardigden). Het valt te betreuren dat de wetgever deze nieuwe regeling niet heeft uitgebreid tot ingebrekestellingen opgesteld door andere professionele juridische dienstenverleners dan een advocaat, dan wel gerechtsdeurwaarder.

De overige kernpunten van deze wijziging worden hierna kort uiteengezet.

Verplichte vermeldingen

Opdat een verstuurde ingebrekestelling succesvol de verjaring zou kunnen stuiten, dient deze een aantal verplichte vermeldingen te bevatten:

  1. Gegevens van de schuldeiser en de schuldenaar,
  2. Beschrijving van de verbintenis die de schuldvordering heeft doen ontstaan,
  3. Verantwoording van alle bedragen die van de schuldenaar worden geëist,
  4. Termijn waarbinnen de schuldenaar zijn verbintenissen kan nakomen,
  5. Mogelijkheid om in rechte op te treden,
  6. Verjaringsstuitende werking van ingebrekestelling,
  7. Handtekening van de advocaat, de gerechtsdeurwaarder of de persoon die in rechte mag verschijnen namens de schuldeiser.

Stuiting

De ingebrekestelling die deze verplichte vermeldingen bevat, geeft géén aanleiding tot de aanvang van een volledig nieuwe verjaringstermijn, maar doet éénmalig een nieuwe termijn van 1 jaar starten. Deze termijn van 1 jaar gaat in op het ogenblik van de verzending van de ingebrekestelling bij verplichte aangetekende zending met ontvangstbewijs.

Wel voegde de wetgever enkele beschermingen in om te verhinderen dat de nieuwe regeling voor de betrokken partijen tot onaangename verassingen kan leiden. Zo kan het ontstaan van een nieuwe termijn van 1 jaar er niet toe leiden dat de vordering voor de vervaldag van de initiële verjaringstermijn kan verjaren. Indien de verjaringstermijn minder dan 1 jaar bedraagt, is de duur van de verlenging bovendien dezelfde als deze van de verjaringstermijn.

Ten slotte dient opgemerkt te worden dat deze nieuwe regeling een louter nationale impact zal hebben. Het is immers zo dat de schuldenaar verplicht zijn woonplaats, dan wel verblijfplaats in België dient te hebben. Rechtspersonen die aangeschreven worden, dienen dan weer verplicht hun maatschappelijke zetel in België te hebben opdat deze regeling van toepassing zou zijn.

Verbetering van uw debiteurenbeheer

Hoewel het betreurenswaardig is dat de wetgever deze stuitende werking niet heeft uitgebreid tot alle ingebrekestellingen, wil dit niet zeggen dat deze wetswijziging geen positief effect kan hebben op de dienstverlening zoals door ons aangeboden. Immers, bij verscheidene van onze klanten (die werden geconfronteerd met aanzienlijke en/of langdurig openstaande klantenvorderingen) konden wij ondertussen hun systeem van debiteurenbeheer optimaliseren.

Bij een dergelijke vraag van de klant trachten we immers, in overleg met de credit controller of persoon verantwoordelijk voor het debiteurenbeheer (als die er al is), een werkbaar systeem van stelselmatige opvolging van openstaande geldvorderingen op te stellen.

Deze gepersonaliseerde opvolging neemt doorgaans de vorm van een cascadestructuur aan, gaande van telefonisch contact bij het einde van een betalingstermijn tot een (schriftelijke) herinnering en aanmaning. Wordt hierna geen akkoord bereikt (bijvoorbeeld door een onderliggende discussie of kennelijke onwil), wordt beroep gedaan op een advocaat om over te gaan tot een finale ingebrekestelling, en waar nodig een dagvaarding.

Voortaan zorgt deze nieuwe regeling er dus voor dat een ingebrekestelling de lopende verjaring kan stuiten. Ook na deze wijziging blijft een systematische opvolging van de openstaande vorderingen echter van groot belang.


Gepubliceerd op 29/10/2013.

Material on this website is © 2014 Deloitte Global Services Limited, or a member firm of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, or one of their affiliates. See Legal for copyright and other legal information.

Deloitte refers to one or more of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, a UK private company limited by guarantee, and its network of member firms, each of which is a legally separate and independent entity. Please see www.deloitte.com/about for a detailed description of the legal structure of Deloitte Touche Tohmatsu Limited and its member firms.

Get connected

 

More on Deloitte
Learn about our site