KMO - Bedrijfswagens: een verduidelijking omtrent ‘de eigen bijdrage’ |
De administratie publiceerde op 01.10.2012 een tweede geactualiseerde versie van de ‘Frequently Asked Questions’ (FAQ) inzake het voordeel alle aard bedrijfswagens. Deze actualisering wenste duidelijkheid te scheppen over de definitie ‘eigen bijdrage’. Helaas slaagde men daar niet helemaal in.
Dat het voordeel van alle aard voortvloeiend uit het persoonlijk gebruik van een kosteloos ter beschikking gesteld voertuig er sinds begin dit jaar volledig anders uitziet, is naderhand al geweten. Het wordt sinds 01.01.2012 berekend door de Co²-percentage toe te passen op 6/7 van de cataloguswaarde van het voertuig. Wanneer het voertuig niet (volledig) kosteloos wordt ter beschikking gesteld, worden de eigen bijdragen nog steeds van het voordeel in mindering gebracht. Alleen wijzigde de administratie haar visie over de kosten die vallen onder de eigen bijdrage.
Tot vorig jaar werd in de praktijk aangenomen dat zowat elke bijdrage van de genieter van het voordeel in de kosten van aanschaf, onderhoud of gebruik van de wagen in aanmerking kwamen. Uit de eerste actualisatie van de ‘FAQ’, zes maanden geleden, bleek dat er een gewijzigde interpretatie werd gehanteerd. Er kon worden afgeleid dat vanaf 1 januari 2012 nog slechts de betaling van kosten die bijdragen tot de samenstelling van de cataloguswaarde van de bedrijfswagen in aftrek mogen worden gebracht.
Zodoende kon uit de eerste actualisatie al worden begrepen dat de volgende kosten niet meer in aanmerking komen:
- benzinekosten of tolkosten door een werknemer/bedrijfsleider op vakantie zelf heeft betaald;
- het feit dat de werknemer/bedrijfsleider voor zijn woon-werkverkeer en andere privéverplaatsingen de brandstof zelf betaalt.
Deze voorbeelden worden ook in de hernieuwde FAQ overgenomen. De administratie houdt dus voet bij stuk in dit hernieuwd standpunt.
Er werd echter in de geactualiseerde versie een vraag bij opgenomen: “Een werkgever least een bedrijfswagen met tankkaart en stelt deze vervolgens ter beschikking aan zijn werknemer. Alhoewel de werkgever de volledige leasingprijs betaalt, vraagt hij aan zijn werknemer een bijdrage voor het brandstofverbruik. Kan deze bijdrage in de brandstofkosten van de werknemer in mindering worden gebracht van het belastbaar voordeel alle aard? (vraag nr. 50)”
De administratie antwoordt hierop bevestigend. In voorkomend geval mag de bijdrage van de werknemer in de brandstofkosten wel degelijk als eigen bijdrage worden aangemerkt en in mindering gebracht van het belastbaar voordeel. Hoe het hernieuwde standpunt met deze bijkomende vraag gerijmd kan worden, is compleet onduidelijk. Immers, als de werknemer/bedrijfsleider de brandstofkosten eerst zelf betaalt, wordt het niet aanzien als eigen bijdrage.
Echter, als de werkgever in eerste instantie zelf de brandstofkosten betaalt aan de leasinggever en nadien verhaalt op de werknemer/bedrijfsleider, dan mag het wel beschouwd worden als eigen bijdrage. Daarenboven bevestigd de administratie via vraag 11 dat er geen extra voordeel moet gerekend worden voor een tankkaart. Het antwoord kan niet duidelijker zijn: “wanneer een werkgever zowel een bedrijfswagen als een tankkaart ter beschikking stelt, dient er slechts één voordeel van alle aard te worden belast, met name het forfaitair geraamde voordeel van alle aard dat van toepassing is op bedrijfswagens”.
Als de auto dus ter beschikking wordt gesteld met een tankkaart, en de werknemer moet toch brandstofkosten betalen, dan financiert hij zelf een deel van het voordeel dat de werkgever hem verschaft. Daarom mag hij die eigen bijdrage aftrekken van het belastbaar voordeel. Als de auto ter beschikking gesteld wordt zonder tankkaart, betreft het voordeel alleen de auto en draagt de werknemer zelf geen deel van de kosten van dat voordeel door brandstof te betalen.
In de nieuwe actualisering komt nog een nieuwe vraag voor die handelt over de eigen bijdrage van de genieter van het voordeel. “Wat als de werknemer een bedrijfswagen ter beschikking krijgt die hij kosteloos voor privédoeleinden mag gebruiken, maar dit slechts tot een bepaald plafond? Zodra een bepaald plafond aan privékilometers wordt overschreden, dient de werknemer bijvoorbeeld 0,10 EUR per kilometer aan de werkgever te betalen.” De FAQ bevestigt dat deze bijdragen als ‘eigen bijdragen’ worden beschouwd en zodoende mogen worden afgetrokken van het voordeel alle aard. Met dien verstande dat de aftrek beperkt is tot maximaal het bedrag van het forfaitair geraamde voordeel van alle aard van de bedrijfswagen.
Het lijkt er op dat de administratie met de huidige actualisering niet de nodige duidelijkheid heeft geschept omtrent de notie ‘eigen bijdrage’ als ze wellicht bedoeld hadden.
Gepubliceerd op 07/01/2013.
Laatst bijgewerkt: