This site uses cookies to provide you with a more responsive and personalised service. By using this site you agree to our use of cookies. Please read our cookie notice for more information on the cookies we use and how to delete or block them

Bookmark E-mailadres Print deze pagina

KMO - Fiscale controle in de privéwoning

Auteur: Bart Verhelst

Als er een fiscale controle gebeurt, stelt zich steeds de vraag hoe ver de fiscale ambtenaren mogen gaan. Uit een recent arrest van het Hof van Cassatie kunnen bepaalde conclusies worden getrokken.

De feiten

Enkele jaren geleden werd door de Bijzondere Belastinginspectie (hierna BBI) een fiscaal huisbezoek gehouden in de privéwoning van twee bedrijfsleiders. Het bezoek vond plaats met schriftelijke machtiging van de politierechter te Antwerpen. De machtiging is nodig omdat het een bezoek betreft in een privéwoning. Tijdens het huisbezoek was slechts één echtgenoot thuis en hij leidde de BBI rond in zijn woning, bijgestaan door zijn raadsman. De man overhandigde daarnaast vrijwillig opgevraagde stukken zoals contracten en facturen, maar bijvoorbeeld ook kopieën van harde schijven. Achteraf bevestigde de beklaagde bovendien schriftelijk dat alle stukken met diens toestemming werden meegenomen. Na het Hof van Beroep moest het Hof van Cassatie hierover uitspraak doen.

Het arrest

De wettigheid van voorliggend huisbezoek door de BBI werd door het koppel betwist op verschillende gronden. Zo voerde het koppel aan dat de machtiging door de politierechter onvoldoende was gemotiveerd. Dit standpunt werd niet gevolgd door de rechters. Als de aanvraag tot plaatsbezoek van de BBI immers zelf voldoende gemotiveerd is door verwijzing naar concrete elementen, wordt aanvaard dat de politierechter zich beperkt tot de verwijzing naar de gemotiveerde aanvraag.

Vervolgens wierp het koppel op dat de BBI een echte (strafrechtelijke) huiszoeking had uitgevoerd, waarbij diverse documenten in beslag werden genomen. Het feit dat de echtgenoot, bijgestaan door zijn raadsman, vrijwillig zijn volle medewerking had verleend deed het Hof echter besluiten dat de BBI niet buiten zijn onderzoeksbevoegdheid had gehandeld. Anderzijds merkte het Hof wel op dat een strafrechtelijke huiszoeking niet toegelaten is, maar een fiscaal huisbezoek gaat blijkbaar niet zo ver.

Het Hof van Cassatie hecht zeer veel aandacht aan de vrije medewerking aan het onderzoek door de beklaagden en de aanwezigheid van de raadsman, die een zekere waarborg bood ter vrijwaring van de rechten van verdediging van beide echtgenoten, ook al was enkel de echtgenoot aanwezig tijdens het huisbezoek. Aangezien het Hof van Cassatie hierop zo de nadruk legt zou men kunnen stellen dat de concrete omstandigheden waarin het onderzoek plaats heeft gevonden heel belangrijk zijn om een onderzoek als rechtsgeldig te beschouwen. Hieruit zou dan kunnen worden afgeleid dat als deze voorwaarden niet vervuld zijn, de BBI en bij uitbreiding de fiscus niet zomaar een woning kan doorzoeken en bestanden kan meenemen bij een fiscaal plaatsbezoek.

Conclusie

Indien de fiscus een controle wil uitvoeren in een privéwoning, mits machtiging van de politierechter, betekent dit niet noodzakelijk dat ze een echte “huiszoeking” mag doen. Noteer echter wel dat de grens tussen beide in de praktijk soms dun is en dat het van belang is om u professioneel te laten bijstaan.

Laatst bijgewerkt:

Material on this website is © 2013 Deloitte Global Services Limited, or a member firm of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, or one of their affiliates. See Legal for copyright and other legal information.

Deloitte refers to one or more of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, a UK private company limited by guarantee, and its network of member firms, each of which is a legally separate and independent entity. Please see www.deloitte.com/about for a detailed description of the legal structure of Deloitte Touche Tohmatsu Limited and its member firms.

Get connected

 

More on Deloitte
Learn about our site