This site uses cookies to provide you with a more responsive and personalised service. By using this site you agree to our use of cookies. Please read our cookie notice for more information on the cookies we use and how to delete or block them

Bookmark E-mailadres Print deze pagina

KMO - Abnormale en goedgunstige voordelen niet langer minimale belastbare basis?

Auteur: Bruno Teirlynck, Tax & Legal Services

In een recent arrest 1 oordeelde het Hof van Beroep te Antwerpen, tegen de zin van de administratie, dat het voordeel verkregen door een renteloze lening van een verbonden onderneming niet de minimale belastbare basis vormt in hoofde van de verlieslatende zusteronderneming.

Om winstverschuivingen tussen verbonden ondernemingen tegen te gaan werd in art. 207, 2e lid WIB ’92 bepaald dat “ geen van de in artikelen 199 tot 206 bedoelde aftrekken, noch compensatie met het verlies van het belastbare tijdperk mag worden verricht op het gedeelte van het resultaat dat voortkomt van verkregen abnormale en goedgunstige voordelen.” Concreet poogt dit artikel de winstverschuivingen  naar verlieslatende groepsvennootschappen - waardoor deze gebruik zouden kunnen maken van hun fiscale aftrekken -  fiscaal te neutraliseren.

In zijn antwoord op een parlementaire vraag in 2004 2 ging de Minister van Financiën echter nog verder door te stellen dat de belastbare basis minstens gelijk is aan het verkregen abnormaal en goedgunstig voordeel, ongeacht het boekhoudkundig resultaat. De minister suggereerde dus dat ook indien de vennootschap een verlies realiseert tijdens een belastbaar tijdperk de abnormale en goedgunstige voordelen dienen te worden belast.

In casu baseerde de administratie zich hierop om te stellen dat de renteloze lening die een verlieslatende vennootschap ontvangen had van een verbonden onderneming een abnormaal en goedgunstig voordeel uitmaakte waarop de vennootschapsbelasting verschuldigd was. Deze samenlezing van artikelen 207 en 79 WIB ’92 werd gevolgd door de rechtbank van eerste aanleg.

In haar arrest van 6 november 2012 sprak het Hof van Beroep zich echter resoluut uit tegen bovenvermelde zienswijze. Volgens het Hof moet artikel 207 WIB restrictief gelezen worden in het kader van haar opschrift “de gemene bepalingen betreffende de in artikelen 199 tot 206 omschreven aftrekken” en kan het artikel dus enkel toepassing vinden in de bepaling van de omvang en de modaliteiten van de aftrekken van de belastbare grondslag bepaald overeenkomstig artikelen 183 en volgende van het WIB.

In de woorden van het Hof: ”Indien de wetgever de bedoeling had om verkregen abnormale of goedgunstige voordelen, die niet in de boekhouding tot uitdrukking werden gebracht, omdat ze de uitsparing van een kost betreffen, in de belastbare grondslag op te nemen, dan had hij dat uitdrukkelijk dienen te bepalen in afdeling 2 ‘belastinggrondslag’ en niet in afdeling 4 ‘vaststelling van het netto inkomen’.”

Het Hof merkt evenwel op dat het loutere feit dat de onderneming verlieslatend was, in se geen voldoende  argumentatie is voor de renteloze lening. Vanuit de groep mag steun geleverd worden aan groepsleden in moeilijkheden maar dan moet blijken dat die lening dient om het voortbestaan van de onderneming te garanderen, de tewerkstelling te handhaven of het belang van de groep veilig te stellen.

Het Hof behoudt dus de classificatie van abnormaal en goedgunstig voordeel en stelt enkel vast dat het fiscaal overdraagbaar verlies zonder het voordeel nog groter zou zijn geweest aangezien er dan een financiële kost in mindering zou worden gebracht.

__________

1 Hof van Beroep te Antwerpen dd 6 november 2012, 2011/AR/2757
2  Vraag van Dhr. L. Van Campenhout dd 2 april 2004


Gepubliceerd op 28/02/2013.

Material on this website is © 2013 Deloitte Global Services Limited, or a member firm of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, or one of their affiliates. See Legal for copyright and other legal information.

Deloitte refers to one or more of Deloitte Touche Tohmatsu Limited, a UK private company limited by guarantee, and its network of member firms, each of which is a legally separate and independent entity. Please see www.deloitte.com/about for a detailed description of the legal structure of Deloitte Touche Tohmatsu Limited and its member firms.

Get connected

 

More on Deloitte
Learn about our site