|
De Nederlandse afvalverbrandingmarkt is sterk in beweging. Door instelling van het stortverbod in Duitsland in juni 2005 is het aanbod van (brandbaar) afval in Nederland sterk toegenomen. Dit heeft al geleid tot een capaciteitstekort en een opwaartse druk op de tarieven. Met de openstelling van de grenzen per 1 januari 2007 wordt een verdere liberalisering van de afvalmarkt beoogd.
Door de overname van AVR door een consortium van investeerders is momenteel meer dan een derde van de afvalverbrandingscapaciteit is in private handen. De afvalverbrandingmarkt wordt door deze ontwikkelingen meer en meer commerciëler: het aandeel van nutsactiviteiten in de omzet (met name verbranding huisvuil) neemt af ten gunste van verbranding van bedrijfsafval en levering van reststromen (elektriciteit, warmte, bodemas, et cetera). Voor publieke aandeelhouders kan dit aanleiding zijn om de toekomst van hun aandeelhouderschap te heroverwegen. Dit niet zozeer voor inzamelingsactiviteiten: de meeste gemeenten beschouwen inzameling (van huishoudelijk afval) als een nutstaak. De verwachting is dan ook dan inzamelbedrijven voor het merendeel in publieke handen zullen blijven.
Hoe de afvalmarkt er over een aantal jaren uit zal zien hangt af van de komende initiatieven vanuit de markt en regelgeving vanuit de Nederlandse overheid alsmede uit Europa.
|